Gepost op

Glenstrup in september

Het zit er weer op, het traditionele weekje vissen met Luuk en Frans. Een traditie die vorig jaar weer nieuw leven in werd geblazen na een aantal jaren stilte. Waarom dan toch een traditie hoor ik u denken. Traditie omdat wij drieën ons ooit in een situatie bevonden, die verbonden voor het leven smeedt. Dus een ideale week om oude herinneringen op te halen, de dagboeken van het verleden na te pluizen op mooie anekdotes en oude foto’s te raadplegen. Voeg daarbij een gezellige alcoholische versnapering, het gemoedelijke huisje met zijn houtkachel, vriend Egon en de schitterende omgeving en je hebt het werkelijk over een aantal dagen onthaasten.

Glenstrup leer je eigenlijk nooit helemaal kennen. Het is net als de beurs, resultaten in het verleden zijn geen garantie voor de toekomst. Toch hebben we in de loop der jaren wel een aantal “problemen” uit het verleden opgelost. Aasvis vangen is bijna nooit meer een probleem, ze in leven houden al evenmin. Het zuurkoolvat met gaten doet al jaren trouwe dienst en is prima geschikt om een twintigtal grote voorns te conditioneren. Kortom we leren het langzaam maar zeker. Er is eigenlijk maar een ding wat roet in het eten kan gooien gedurende zo’n week en dat zijn verwachtingen. Het gevoel hebben te moeten scoren. Ieder jaar reis ik af met de bedoeling de week te nemen zoals zij komt. Vanzelfsprekend zijn er in de loop der jaren diverse visstekken in de kaartplotter bewaard. Ik neem me ieder jaar weer voor om er een aantal bij te vinden want, wie altijd naar de geëigende stekken terugkeert vindt nooit nieuwe.

Frans, Luuk en ik vissen de eerste dag uitsluitend trollend. We kunnen het meer even schouwen, waar staan de plantjes, hoe los zijn de snoeken? De eerste dag sluiten we af met een tiental mooie vissen. Frans ving ook nog een prachtige baars op de plug. Aan het einde van de dag zochten we een waypoint voor voorns en ankerden op die plek. We vangen de voorns aan een paternoster systeem met twee haken geaasd met een worm. Zijn de wormen heel dan vang je bijna altijd baars, zijn er stukjes vanaf dan is het voorn die de haken beroerd. Doorgaan vangen we de voorn op 10 meter diepte. Op gevoel, prachtig zoals sommige aanbeten zijn. Op deze manier scoren we in een uurtje een dertigtal bruikbare voorns en een even zo groot aantal onbruikbare. Voor het gevoel te groot maar we weten allemaal beter. Te groot voor de aaston dan maar? Voeg daar nog een zelfde aantal baarzen aan toe en je mag concluderen dat er voldoende vis aan de handen heeft gezeten. We halen wat slaap in en zijn de volgende dag in een dikke wind weer op het meer. We vissen met levend aas op de stek die gisteren met kunstaas de meeste snoeken opleverde. Waarom, omdat daar snoeken zijn. Ik veronderstel dat je nooit alles vangt en dus loont het de moeite om daar te gaan vissen. Op een andere manier. We scoren al snel een aantal snoeken maar na verloop van tijd en een aantal keren zijwaarts verkassen stoppen de aanbeten. We besluiten weer te gaan trollen. Onderweg vangen we nog een aantal waarmee de score van deze dag op 20 stuks komt. Wij klagen niet en genieten van iedere vis en de omgeving. Onstuimig wordt het meer en na een mooi stukje golven bonken, de naast het vissen, favoriete bezigheid van Luuk en Hans, keren we terug naar het huisje.

De derde dag  staat weer voor een groot deel in het teken van levend aas. Als de vissen op zijn gaan we weer trollen. Het is een dag als die van gisteren alhoewel de wind een stuk minder is. Ook de aantallen snoeken zijn minder maar met elf op de spreekwoordelijke teller hoor je ons niet klagen. In de avond drinken we een borrel met Egon en maken we plannen voor de laatste visdag. We beginnen met levend aas vangen. Driekwartier later verkassen we naar de beoogde leven aas plek. Er verschijnen die ochtend nog twee boten op het water. Ik ken ze, ze vissen hier al jaren. Ook zij beginnen met het trachten te vangen van mooie voorns. Ondertussen gaan bij ons de dobbers regelmatig onder. Het zijn allemaal metersnoeken die we net een paar jaar te vroeg vangen, maar wij zijn tevreden met snoeken tussen de tachtig en de negentig. We verkassen met de wind mee, onderwijl het talud bevissend. De wind trekt weer aan en ondanks twee ankers blijft de boot een beetje krabben. Zo sleuren we twee ankers door de plantenbedden die we beogen te vissen. Het blijft niet zonder resultaat.  Ook een andere boot gaat zich nu aan het vissen op snoek wijden. Ze driften dwars op de wind over een deel van het meer. Dan weer langzaam tegen de wind in trollend terug.  Als de snoeken even pauze lijken te houden trollen wij naar de westzijde van het meer. We vertoeven daar de rest van de dag. Op de terugweg, voor de wind, gaan we nog een keer voor anker. We bieden nog een keer een aantal aasvissen aan. We vangen prachtige snoeken. Dan wordt het tijd om huiswaarts te keren. We trollen even langs de andere boten. “Wat doe jij hier?”, klinkt het als er herkenning plaatsvindt. “Jij zou pas volgende week komen!” Ik vertel ze dat ik in de gelukkige omstandigheden ben dat ik twee keer kort achter elkaar dit meer mag bevissen. We wisselen even kort wat ervaringen uit en dan trollen wij terug naar de steiger. Onderweg vangen we niets meer maar dat maakt niet uit. Dwars op de golven rolt de boot heerlijk onder ons, we hebben weer genoten. Met 23 snoeken op de laatste dag neemt Glenstrup afscheid van Frans en Luuk. Ik knipoog en zeg tot volgende week, dan vangen we snoek.

Gepost op

Denemarken mei 2018

Net als in het vorige bericht is er hier sprake van achterstallig montagewerk. Sowieso want het was voor mijn vismaat John meer dan achtentwintig jaar geleden dat hij samen met mij op Glenstrup was. John en ik vierden toen mijn vrijgezellenweek. We hebben heerlijke herinneringen opgehaald en onder prachtige omstandigheden gevist. Ook voor mij was het heel erg lang geleden dat ik in mei op dit meer gevist heb. Ik werd geconfronteerd met zaken als andere vogels, andere natuur en niet geheel onbelangrijk waar zit de aasvis in mei? Uiteindelijk zijn snoeken ook prima aan baars te vangen en die was op de oude vertrouwde stekken te vinden. Kortom voor herhaling vatbaar!

 

 

Gepost op

Denemarken oktober 2017

Soms blijft, zonder duidelijk reden, filmmateriaal liggen wat eigenlijk al lang gepubliceerd had moeten worden. Vandaag post ik op dit bericht dat eigenlijk al in oktober 2017 hier had moeten staan. In de aanloop naar mijn eerste keer in Denemarken van vorig jaar sprak ik met Popke over het aankomende avontuur. We moesten ook maar eens die kant op opperde Popke toen. Het laat zich raden, agenda’s werden geraadpleegd, verlof werd aangevraagd en de reis gepland. We hebben samen vier dagen gevist op dit prachtige meer. De eerste drie dagen waren gewoon goed te noemen. Met een gemiddelde van 10 snoeken per dag, grote hoeveelheden voorn en baars en prima weer kun je het moeilijk slecht noemen. Als anekdote valt in deze week te vermelden dat de auto dusdanig vast zat, dat een bergingsbedrijf met een UNIMOG moest komen om mijn Volvo eruit te lieren. Veel kijkplezier.

Gepost op

Winterse omstandigheden.

Er zijn van die dagen dat je het al weet. Als je ’s morgens het stijf bevroren zeil van je boot trekt en alvast begint met ruitenkrabben. Het wordt een koud dagje vandaag! Je laad de boot in, koppelt hem aan en gaat dan nog maar even naar binnen. Jacob komt pas om half negen, een dik half uur nog! Ik zet de pan met snert op een laag pitje en kook alvast water om de thermoscans voor te verwarmen. Ik ben in het bezit van een modern koffiezet apparaat maar er gaat op zo’n koude dag niets boven een met de hand opgeschonken kopje koffie met een snufje Buisman. Het bruine vocht zakt gestaag door het filter en de vallende druppels echoën in de warmhoudfles. De boterhammen voor mee worden gesmeerd en voor als het echt te gek wordt, een banaan. De snert is inmiddels heet en ook kan in mijn “bootkist”. (Ik heb een grote kunststof koffer met deksel, een opberg box eigenlijk, die ik meeneem in de boot. Al mijn kunstaas en toebehoren zit in die kist. Hij dient verder als tafeltje en droge plaats voor mijn camera’s. Het mooiste van alles, je tilt alles in één keer in de boot.) Als Jacob aankomt laden we zijn spullen over en rijden we naar de beoogde visplaats.

Onderweg blijkt het verraderlijk glad. We glijden de bochten door en op de eerste doorgaande weg aangekomen blijkt ook die glad te zijn. Een jongedame heeft de gevolgen daarvan ondervonden en staat dwars in de berm. We glijden richting verder. Op de plaats van bestemming aangekomen inspecteren we de helling op gladheid. In deze tijd van het jaar heb ik altijd een emmertje strooizout in de auto liggen en niet zonder reden. Ook nu komt hij goed van pas. Kunnen we in ieder geval veilig traileren.

Als de boot te water is varen we nog maar nauwelijks of de eerste snoek hangt al aan een Timber Tiger. Jacob onthaakt haar terwijl ik snel de filmcamera pak en uit de hand film. Ik monteer meteen daarna de camera en we vissen verder. Het weer is werkelijk schitterend, het water helder dus alle ingrediënten voor een mooie visdag zijn daar. Ik heb ondertussen eindelijk de GoFish camera thuisgestuurd gekregen en besluit even een poging te wagen wat filmmateriaal te schieten voor een eerste indruk. Het nadeel van alle camera’s die geplaatst worden tussen hengel en aas, dat je het gevoel met je kunstaas kwijt bent. Jacob en ik zijn beide van hetzelfde type, het gaat voor een groot deel ook om de aanbeet. Aan een bijhengel vangen is niet verkeerd, maar minder leuk. Ik vis de camera aan de handhengel en moet dus even een concessie doen. Ik ben dan ook blij dat Jacob een snoek vangt zodat we onder water een snoek op de gevoelige plaat kunnen vastleggen, daarna verwijder ik de camera weer. We varen een stukje over groot water met als doel een dorpje uit te kammen. Daar zijn de snoeken in de winter en toch vangen we een snoekje midden op een meer dat we oversteken. Maar op de eerste stek aangekomen zijn de snoeken niet te verleiden, misschien is het weer te mooi, ik weet het niet en het is ook niet belangrijk. Pas de tweede stek is het weer een snoek die zich meldt. We scharrelen ze wel bij elkaar op zo’n dag.

Halverwege de middag betrekt het en wordt het gevoelig kouder. We hebben het wel gezien. Een mooie dag!

Gepost op

De eerste stappen naar een nieuwe site

Welkom op mijn nieuwe site. Initieel is de site bedoelt als blog. Ik heb schrijven altijd leuk gevonden en al redelijk wat gepubliceerd, kijk maar eens op pagina Oude bekenden voor een duik in het verleden. Op mijn welkomstpagina staat vermeld dat ik na zestien jaar bedrijfsmatig met de hengelsport te zijn bezig geweest, ik nu een andere weg insla. Dat wil zeggen eigenlijk ga ik terug na de basis. Ik heb in de zestien jaar wel geleerd dat er niet heel veel nieuws onder de zon is. Dat die de zogenoemde vernieuwing meestal verkooppraatjes zijn. Ik zal er ooit eens een blogje aan weiden. Tot die tijd ben ik bezig met het uitvinden van WordPress en aanverwante zaken om de website steeds een beetje  beter te maken. U hoort van mij.