Geplaatst op 1 Reactie

26 feb 2012

Koning winter deed zijn intrede pas in februari van dit
jaar. Dat is op zich natuurlijk jammer omdat februari eigenlijk de laatste
snoekvismaand in Nederland is. Nu heb ik zo mijn bedenkingen bij een gesloten
tijd voor snoek, snoekbaars en baars maar dat ter zijde. De vangsten van
vandaag tonen aan dat er grote verschillen bestaan in water, ook al staat dat
allemaal met elkaar in verbinding, en dat sommige snoeken al wel gepaaid hebben
terwijl het volgens de regelgeving daar nog geen tijd voor is. Ik weet van
andere vissers dat het laatste ijs in andere delen van Europa vaak het teken
voor de snoek is om de paai aan te gaan en zo dacht is er in Nederland
eigenlijk ook over, totdat ik afgelopen weekend, waarin ik de drie weekends
niet vissen vanwege de vorst, in één klap inhaalde, zowel “afgepaaide” snoeken
als snoeken die nog moesten paaien ving. Soms zelfs op dezelfde dag. Goed terug
naar de dag van vandaag. Ik wilde de zondag eigenlijk aanwenden om samen met
mijn vrouw de training voor de “elfstedenwandeltocht” weer voort te zetten.
Maar toen Popke van de week tot twee keer toe langs kwam om een afspraak te
maken, kon ik het voor elkaar krijgen om deze zondag over te slaan en te gaan
vissen. En de dag was het waard, schitterend weer, alhoewel het windje een klein
beetje harder had mogen waaien en ook de snoeken wilden aardig meewerken. Met
Popke heb ik altijd visdagen waarop iets bijzonders gebeurt. Eigenlijk gebeurde
dat gisterenavond al toen Popke me vroeg naar een zwarte Timber Tiger. Ik kon
hem alleen een nieuwe aanbieden die ik dan zelf met een, sorry voor de
merknaam, Edding 2000 en voor hem zwart kon maken. Dat was prima, als de plug
maar zwart was. Nu het lukt te me, in beperkt licht aardig om het ding zwart te
krijgen, maar in het heldere licht van vandaag kon je toch nog zien dan er een
groene kleur onder zit. Maar de snoeken maakte dat helemaal niets uit. Popke
scoorde de één na de andere snoek aan deze zwarte plug. Ook het Poolse
testmodel werd aan een snoekonderzoek onderworpen evenals de originele zwarte
timber tiger. Maar het ding van Popke voerde absoluut de boventoon. We visten
ook nog een aantal stekken met de verticaalhengel af. Op de fireball prijkte
een spiering. Popke ving op die manier een prachtige 102 cm “ afgepaaide” snoek. Ik denk dat hij haar liever een week
eerder gevangen had omdat dat in gewicht het nodige gescheeld zou hebben maar
de vangst was er niet minder bijzonder om. Ook scoorde hij op de terugweg nog
een prachtige snoekbaars op de, edding 2000 zwart permanent gekleurde, timber
tiger waardoor zijn dag weer helemaal goed was. We vingen 12 snoeken en een
snoekbaars.

https://youtube.com/watch?v=MKg9JLLjNns%3Fhl%3Dnl%26fs%3D1

Geplaatst op Geef een reactie

25 feb 2012

“Sneon efkes te fiskjen?” luidde het SMS-je wat ik van Jacob
mocht ontvangen aan het begin van de week en daarmee was dan ook de afspraak
gemaakt voor vandaag. Na een schitterende dag gisteren was het vandaag nog
mooier weer. Een strak blauwe hemel en weinig wind luidden deze dag in. Maar al
snel wakkerde het windje wat aan waardoor er een mooi kabbeltje over het water kwam te staan.
Ik houd daar wel van een beetje wind over het water. Jacob en ik vertrokken
even na half negen en al snel wist Jacob zijn eerste twee snoeken te scoren.
Geen grote maar snoek is snoek denken wij dan maar. Ook ik mocht een snoekje
haken en toen het eerste dorp op onze route binnenvoeren was het wederom de
beurt aan Jacob. We besloten het dorp van enige hengeldruk te voorzien en dat
wierp zijn vruchten af. We scoorden regelmatig een snoekje maar we hadden ook
veel last van snoeken die slecht bleven hangen. Je hebt wel eens van die dagen
dat de snoeken schijnbaar wel agressief aanvallen maar dat ze vervolgens maar
moeilijk aan de haken willen blijven zitten. Zeker bij Jacob was dat het geval.
Zijn Aruku van Spro was in staat om menig snoek te verleiden maar evenzoveel
lossers te produceren. Niet te min is het een prima plugje en Jacob vangt er
veel aan. Zelf viste ik vandaag naast de vaste Timber Tiger met een een
testexemplaar uit Polen en een Poask Jointed van de hand van mijn vader. Alle
pluggen leverden snoeken op vandaag maar eerlijk is eerlijk, die Aruku
activeerde de meeste snoeken. Misschien ook wel door de super actieve manier
van vissen van Jacob. Hij beweegt de plug voortdurende en de ratel overstemt
dan soms het motor geluid. Op een bepaald moment losten we op nauwelijks
25 meter water vier snoeken achtereen. Dan begin je wel even je haken extra te
controleren maar het bleek overbodig, ze zijn wel scherp. We verkasten naar een
volgend dorp. De snoeken waren daar niet echt aanwezig. Gelukkig wist Jacob er
weer een et scoren zodat de reis niet te vergeefs was geweest. Op het “nieuwe”
watertje aangekomen brak de periode van echte lossers aan. Mooie vette kolken
en opspattende pluggen ten spijt, een knappe snoek konden we niet haken op dit
water. Toch was het weer Jacob, die nadat we even aan de kant hadden gelegen en
van een heerlijk kopje snert en een stukje vers gedraaide droge worst hadden
genoten, die een snoek scoorde. Toen werd het langzamerhand tijd terug te keren
naar Mantgum. We vingen er nog twee snoeken bij alvorens de we daar aankwamen.
Aan het einde van de dag toont de teller weer dubbele cijfers: 12 snoeken.

https://youtube.com/watch?v=isKuURnVsXE%3Fhl%3Dnl%26fs%3D1

Geplaatst op Geef een reactie

24 feb 2012

“Kan het zondag al, denk je?” was zo’n beetje de tekst van
de email die van mijn vismaat van vandaag, Anne, op Valentijnsdag stuurde. Hij
doelde daarmee op de het weer ijsvrij zijn van het viswater op de eerst komende
zondag. Nu had het behoorlijk gevroren dus kon ik Anne met een gerust hart
melden dat we dat maar een weekje later moesten plannen. Aldus geschiedde en
dus visten vandaag op het water waar ik twee
weken geleden nog met Popke overheen schaatste. Maar tijden veranderen
gelukkig alhoewel ik geen hekel aan schaatsen heb. Ik was wel benieuwd naar de
ervaringen op een eerste visdag na een behoorlijke periode van ijs. Zouden de
snoeken het invallen van de dooi misschien ervaren als het startsein voor de
paai, spookte het door mijn hoofd. Ik
hoopte van harte van niet. Anne was om even voor negenen bij me en we visten
een kwartier later. We kozen de Swette in de richting van Sneek en het duurde
niet lang of Anne scoorde zijn eerste snoek. Anne en ik gaan al een tijd terug.
Ik ken hem al zo’n twintig jaar waarin we elkaar vooral troffen op het
hengelsportcentrum van wijlen Willem Zandstra. In zijn “Blikken Pleats” hebben
we menig mooi hengelsportavontuur zeg maar geëvalueerd! Maar ook aan de
waterkant en in later hengelsportevenementen kwamen we elkaar tegen. De laatste
jaren was het contact wat verwaterd en dus alle viel het gesprek vandaag niet
stil. Ook al omdat he niet in de aard van Anne licht om niets te zeggen. Kort
na de vangst van Anne scoorde ik mijn eerste vis. Dat leek erop. Redelijk snel
een tweetal snoeken dus wie weet zijn ze los vandaag. Erik, een collega van
Anne, en toevallig de jongeman waar ik op 14 januari nog was wezen vissen,
belde even met de mededeling dat hij er inmiddels drie had en dus waren we
hoopvol gestemd. Het duurde echter een hele tijd eer Anne weer een aanbeet
kreeg, helaas raakte deze zeventiger snoek los. We kozen een stukje water waar
we wat meer beschut konden vissen. Even later was het aan mij de beurt om een
snoek te lossen. De plaats waar dit gebeurde zou echter nog meer snoek
opleveren vandaag maar dat wisten we toen nog niet. Op de tweede trek ging er
zomaar weer een snoek aan mijn Timber
Tiger hangen en aan deze snoek was duidelijk te zien dat ze nog niet aan het
paaien toe zijn. Tijdens de derde trek door het dorpje werd mijn Timber Tiger
opgeslokt en viel mijn draad slap. Het beuken van een grote snoek werd meteen
duidelijk. Ik dril een mooie 106 cm snoek die ik gauw op een pond of
vijfentwintig schat. Het meetlint bleek onvindbaar maar nameten van de maat die
op de hengel genomen werd bracht de 106 cm naar voren. Anne miste nog een snoek
vlak voor een bruggetje. Ik scoorde wederom een mooie zestiger en daarna was
het de bijhengel, die op de plaats van de eerdere meter, krom ging staan. Anne drilde een mooi tachtiger snoek uit. Het
was tijd voor een bakje snert. De warme maaltijdsoep scherpte onze concentratie
weer naar topniveau en we konden weer aan de bak. We scharrelden nog een aantal
snoeken bij elkaar op de terugweg en zo kwam de teller op precies 10 snoeken te
staan. Voed daarbij een viertal lossers en we mogen niet klagen. Na het vissen
moesten we natuurlijk nog even de dag evalueren en onder het genot van een
biertje slaagden we daar uitstekend in. Anne zijn ”taxi” reed tegen half zeven
voor. Met de afspraak dat we elkaar deze zomer tijdens het zeebaarzen op
Vlieland zullen treffen namen we kort voor de klok van zeven uur afscheid van
elkaar. Anne bedankt voor een mooie dag!

https://youtube.com/watch?v=V02kHFAlcoY%3Fhl%3Dnl%26fs%3D1

Geplaatst op Geef een reactie

4 feb 2012

“Der wie net ien te riden!” Met deze woorden sprak ik
tijdens een bakje koffie met Popke. We hadden een voornemen om even te gaan
schaatsen maar tijdens mijn ritje naar en van Leeuwarden terug naar huis had ik
geen enkele schaatser waar kunnen nemen op welk water dan ook. We besloten het
dan maar in de nieuwbouw te proberen, daar had ik al wel mensen zien
schaatsen. De vrouw van Popke, Wieke
maakte even een paar foto’s van haar veteranen en wij gingen op weg. Wij zijn
niet van die “helden”, dus als er geen schaatser voor ons is geweest, en lees
voor schaatser gerust het meervoud, dan schaatsen wij er niet overheen. Zo
waren we na het opbinden al binnen een kilometer aan het eerste, niet te
vertrouwen stuk toe. Klúnen dus. Tot twee keer toe en toen stonden we bij het
dorpshuis in Mantgum. Daar waren mensen druk aan het baanschuiven en één van
hen, Jan, vroeg ons waar de reis naar toe zou gaan. Ik had gehoord dat de
Swette tot aan het Weidummerhout schaatsbaar zou zijn en dus was dat ons doel.
Volgens Jan kwamen we niet verder dan het Heechhout aan het einde. Daar
aangekomen, klúnden we weer een meter en daar zagen we de eerste streken van
een aantal schaatsers al staan. We reden het eerste stuk en spraken twee
dorpsgenoten aan die wandelend naar het Weidumerhout en terug waren gegaan.
Vertrouwd? Ja ook de brug onder de Hêgedyk? Ook vertrouwd. We bedankten Peter
en Aukje en schaatsen vol goede moed naar de Swette. Daar aangekomen konden we
aan de sporen al zien dat we zeker niet de enigen waren die even wilden schaatsen.
De eerste die we tegen kwamen stond op de kant. “Wêr kommem jim wei?” was de
vraag. Popke, adrem als altijd antwoordde dat wij uit Dokkum kwamen. ”Nee
wol?”, vroeg de man vol ongeloof waarop Popke antwoordde dat het niet
noodzakelijkerwijze vandaag hoefde te zijn. “Tot aan Mantgum is het wel
vertouwd!”, twitterde dit bericht zich over de Swette. Een kleine vijfhonderd
meter verder hoort Popke zijn naam roepen. (moet een facebooker zijn geweest.) Ik ben dat inmiddels wel gewend, veel mensen
kennen hem en de volgende tweet werd even uitgewisseld, “Wij komen van Sneek,
via de Âldfeart. De re-tweet informeerde hen over de zijvaart naar Reduzum waar
nog geen streek op stond. Bij
Easterwierrum ontwaarden we een heuse baanschuiver en hierdoor wisten we dat de
brug betrouwbaar was. Even later sloegen we links af en klúnden weer een klein
stukje over de sluis. Daar vlogen de tweets en re-tweets over en weer en zo
wisten wat ons globaal te wachten stond. Niets spannends gelukkig. De Âldfeart
bracht afwisselend geveegde en niet geveegde stukken. Een tweetal facebookers
wisten Popke weer te herkennen. Bij Ids en Annie was het verdacht stil achter
de boerderij maar vlak voor Poppenwier, ontwaarden we een heuse koek en zopie.
Popke en ik, die beiden niet gerekend hadden op het feit dat we überhaupt zo
ver zouden komen hadden wel zin in wat, maar beide geen cent te makken. Dus
schaatsten we nog een stukje door in de richting Sneek. Totdat we beiden vonden
dat we maar terug moesten gaan. “Foar de wyn is elst in hurdrider!” (Voor de
wind kan iedereen hard schaatsen) ,luidt een mooi Fries spreekwoord en Popke en
ik deden ons best. Daardoor gingen we beiden twee keer gruwelijk op onze plaat
maar dat mocht te pret niet drukken. Genietend van het schitterende weer, het zo
nu en dan schitterende ijs, de tweets en re-tweets zonder internet, schaatsten
we terug. In Mantgum aangekomen troffen we onze klompen aan op de plaats waar
we ze hadden achtergelaten. Mijn Zweedse klompen stonden nog keurig op de oude
stalen schouw en de Scharjon klompen van Popke op het ijs bij de boeg. In zijn
klompen prijkte een briefje: “Pankoeken en poeiermolke op 57.” Een mooier besluit
van een klein schaatsavontuur kon er niet zijn.