Geplaatst op Geef een reactie

26 september 2009

Vandaag is het een dag van kleine beetjes. Berend komt samen met zijn zoon vissen omdat hij zijn vrouw in Heerenveen af moet zetten. Omdat die niet om 07.00 uur ter plaatse kan zijn hebben Berend en ik afgesproken tussen 09.00 en 10.00 uur. Om even over half tien biedt zoon Daan mijn vrouw een boeketje bloemen aan en vervolgens drinken we een kopje koffie. De boot ligt inmiddels startklaar in het water dus even later varen we. Daan vist met mijn aller goedkoopste plug aan een splinternieuwe Shimano hengel. Berend vist met een Timber Tiger en ik bind er geheel tegen de gewoonte in een Follow Me aan. We vissen langzaam Mantgum uit zonder ook maar een aanbeet te krijgen. Tegen het einde van de Mantgummervaart klaart het water op en komt de eerste aanbeet. Ik mis hem natuurlijk. We varen een keer terug maar de snoek is niet meer te verleiden. De Swette opvarend draaien we naar rechts in de richting van Reduzum. Dat is ook mijn doel. Berend moet op tijd weer terug zijn in Heerenveen en ik moet nog rijden voor de lokale korfbal vereniging. Zodoende hebben we slechts tot een uur of half drie om te vissen. Een goede vier uurtjes dus. Nauwelijks op de Swette is het Daan die de eerste snoek haakt. Het is een mooi exemplaar van in de zestig centimeter. Ik krijg goede moed bij het zien van het water van de Swette. We varen door en al snel is de volgende snoek in de boot. Omdat we goede resultaten boeken besluit ik om niet naar Reduzum te varen maar op de Swette te blijven. Even voorbij Easterwierrum staat de teller al op 6 snoeken. Dan is het eindelijk de beurt aan mij om een snoek te vangen. De snoek zit maar nauwelijks vast maar het lukt me haar te landen. Vanwege het formaat van de snoek gaat het niet achter de kop maar ik beheers de handlanding al vele jaren. De snoek is nauwelijks binnenboord als zij een keer slaat. Ik weet weer wat ik vergeten ben. Duim onder de bek houden Hans! Ik voel de hoektand door mijn duim razen en vervloek mezelf om deze stommiteit. Gelukkig weet Daan mijn meetlint te vinden. Hij meet 92 cm en pakt onmiddellijk de pleisters en begint er vast een paar open te maken. Na het terugzetten zijn er zeven pleisters nodig om het bloeden te stelpen. Ik moet even denken aan een vistrip van een jaar of acht geleden op de Linge. Daan, toen een klein jongetje ving toen een roofblei. Hij moest daar natuurlijk mee op de foto. De plug in de bek laten dan komt die ook mooi op de foto. De glibberige roofblei in de handen van de kleine jongen zorgde er toen voor dat de haak van de plug toen in de hand van Daan terecht kwam. Dikke tranen werden weggewuifd met een paar pleisters en grote kerels huilen niet. Nu plakt deze zelfde kleine jongen vakkundig mijn wonden af. We kunnen door. Onderweg vangen we nog een viertal snoeken waarvan een paar mooie zestigers. Bovendien missen we er zo nu en dan ook nog eens één dus er is actie genoeg in de boot. Voeg daar nog bij dat we diverse ijsvogels zien en u begrijpt dat de dag compleet is.

Dan is de tijd alweer om. We moeten terugkeren naar Mantgum. Dat zal je altijd zien. Zijn ze een keer echt los, moet je op tijd ophouden. Jammer maar het is niet anders. Voldaan traileren we de boot en we keren huiswaarts. We zijn zeker niet ontevreden. Elf vissen in vier uurtjes is helemaal niet gek. Volgens Berend is het precies goed zo. Stoppen op je hoogtepunt!

Geplaatst op Geef een reactie

20 september 2009

Na de voorpret van een paar weken waar in een heuse club van kantje vissers werd opgericht kon het er dan vandaag van komen. Geheel tegen mijn gewoonte in was het de wekker die mij wekte. Na de gebruikelijke ochtend rituelen stapte ik om even voor half zes in de auto. “Aan het einde van de straat rechtsaf”, commandeerde het navigatiesysteem mij in de richting van De Harkema. Time of Arrival 05.57 uur. Ik ben op tijd. Op mijn bestemming aangekomen stap ik met mijn spullen bij Fred in de auto. Zijn neef Freerk rijdt voorop. We pikken onderweg Rienk globaal vijftig meter te ver op. Rienk laat ook even luid (en dat om 0615 uur) merken aan Freerk dat hij de afgelopen tien jaar niet verhuisd is. We lachen er smakelijk om. Daarna gaat het richting het Reiddiep. Onderweg sluiten we achter, de zwager van Freerk, Johan en Harry aan. Met drie boten en zes vissers dus twaalf hengels maken we deze dag het Reiddiep onveilig. De dag begint veel belovend. Binnen een half uur heeft iedere boot zijn visje aan boord. Daarna is het voorrecht tot vangen voorbehouden slechts één boot. Het is de boot van de reisleider van vandaag, Freerk. Rienk en hij vangen op geregelde momenten een visje. Daarbij een schitterende snoekbaars en een dito snoek. Ook onze boot vangt een visje. Een snoekje dat naast een Salmo plug met snoekprint bijna in het niet valt. Toch vis is vis en dus tellen we de baars die even later gevangen wordt vrolijk mee. Fred en ik hebben onderwijl tijd genoeg om bij te praten. Dan is het tijd om even te pauzeren. Het was ook hard werken tot dan? Gelukkig gaan de cabanossi worstjes van Rienk en met Jagermeister goed in zodat we snel aansterken.

Vol goede moed zetten we de tweede etappe in de richting van Groningen (stad) in. Onderweg worden we ingehaald door roeiers in diverse formaties. Skiffs met twee, vijf en weet ik hoeveel personen. Met en zonder stuurman, stuurvrouw etc. We kunnen een kleine opmerking zo nu en dan niet onderdrukken. “De voorste roeit niet mee hoor!” De roeiende dames en heren zullen wel gedacht hebben. Tot aan de tweede stop gebeurt er niets bijzonders. Alleen in de boot van Freerk wordt gevangen. Op de tweede rust, we waren er weer hard aan toe, doppen de mannen gezellig een pilsje, borrelnootjes, blokje kaas, stukje worst, ja heus warme worst uit de thermoskan. Ik heb er ooit eens iemand een paling uit zien halen maar worst en nog warm ook, dat nog nooit. Ze smaken goed. We veren op als de karpervisser aan de overzijde zijn hengel krom trekt. Zijn snelle greep naar het schepnet trekt onze aandacht onmiddellijk. De tak die hij even later omhoog trekt behoeft echter geen schepnet. Na het derde pilsje is het tijd om even af te tappen. Fred heeft wat laat door dat er een fietspad over de dijk loopt of hij merkt de twee wat oudere dames die aankomen fietsen wat laat op. De dames deden vol verwachting een trapje harder maar Fred was nog op tijd om niet al te veel van het zorgvuldig opgeborgen zaakje ten toon te spreiden. De derde etappe brengt wederom alleen in de boot bij Freerk vis. We malen er niet om. We hebben een mooie dag die nog even afgesloten wordt door een titanenstrijd tussen motoren. Diverse paardenkrachten worden in de strijd geworpen. De slag is voor Fred. Na het traileren rijden we terug naar De Harkema. We nemen hartelijk afscheid van elkaar met de belofte het nog eens te herhalen.

Geplaatst op Geef een reactie

6 september 2009

Soms zijn er van die weekends waarin je gewoon weinig tijd hebt om even te gaan vissen. Natuurlijk is het zo dat je tijd moet maken en dat het dus gewoon een kwestie van planning is maar soms zijn er externe factoren die roet in het eten gooien. Zo ook dit weekend. Hoewel ik zaterdag best een paar uurtjes had gekund, nodigde het weer niet echt uit om te gaan en ik besloot dan ook om het op zondag te proberen. De accu was geladen dus ik kon mijn gang gaan. Toch lukte het me om op zondagmorgen ook lekker uit te slapen zodat ik tegen half twaalf pas op het water was. In mijn woonplaats liet ik mijn dropshot te water. Het duurde geen tien minuten of de eerste snoekbaars meldde zich. Hoewel snoekbaars, net geen dertig centimeter, toch echter als zodanig te determineren. Ik roep wel eens voor de grap dat een dergelijk exemplaar ongeveer een jaar of acht te vroeg is met bijten maar ik ben er blij mee. Beter één dan helemaal geen en de hatelijke nul was weg. Bovendien wist ik dat de beste stekken nog moesten komen. Eenmaal op het brede stuk duurde het een uurtje eer ik weer beet kreeg. Iets groter dan zijn voorganger. De wind wakkerde nog iets aan en een mooie kabbel kwam op de stek te staan. Ik houd daar wel van. Zeker als de wind wat om de huizen heen draait en er dus tegengestelde kabbels op het water komen te staan. Zuurstofrijk water, denk ik dan maar. Een mooie theorie dacht ik zo maar ze bracht geen vis in de boot. Uiteindelijk ving ik mijn enige maatse snoekbaars juist in de luwte. Daarmee was dan mijn inmiddels opgebouwde theorie volledig nutteloos geworden. Na een paar foto’s kon ook die weer mooi terug in haar element. Omdat ik nog andere verplichting had moest ik om vier uur weer thuis zijn. Een drietal snoekbaarzen in ongeveer evenveel uren vissen. Hoofdzaak was dat ik even op het water ben geweest.