Geplaatst op 1 Reactie

26 juli 2009

Een weekrelaas. Ik put even in mijn dagboek om te kijken wat er zoal gebeurd is de afgelopen week want wat ging die snel om. Maandag de eerste dag werken na de vakantie. Maandagavond staat Popke bij me in de tuin. Zijn “smile”spreekt boekdelen. “Ik ha him hjoed ophelle!” “Wier, hast him al, is mijn repliek. Popke heeft een nieuwe, andere, mooie boot gekocht. Hij had hem de week daarvoor al gezien en nu waren er zaken gedaan. Snel moet ik even meekomen, hij ligt nog te water. Zijn vrouw heeft natuurlijk de eerste keer mee mogen varen en nu mag ik mee. “Nee, do kinst wol efkes farre.” Ik neem plaats voor de buitenboordmotor en vaar het dorp uit. Daar gaat de gaskraan van de 9.9 Pk Yamaha open. De Wato laat zich strak sturen ik feliciteer Popke met zijn aanwinst. Hij is nog vrij en kan de hele week klussen om de boot aan te passen aan het beoogde doel: Vissen.

Hij knutselt de gehele week aan de boot en hoewel ik vrij ben op vrijdag, jongste dochter jarig, gaan we zaterdag pas vissen. Om half zes laat Popke de koppeling opkomen en rijden we in de richting van ons viswater van vandaag: Het Lauwersmeer. Ik ben er nog nooit geweest om te vissen. Popke wel maar dat is even geleden. We rijden achter onweersbuien aan naar het noorden. Hij weet feilloos de trailerhelling te vinden en al snel zijn we te water. De Friese vlag wappert fier als we het meer opvaren. We dropshotten tegen het talud van de vaargeul en het duurt niet lang of er hangt een mooie baars aan mijn shadje. Ze weet zich echter te bevrijden maar we hebben een beetje actie gezien. We zien meer actie want een andere boot vaart volgas in de richting van een paar boeien verderop en begint daar zo’n beetje dezelfde tactiek toe te passen als wij doen. Na een uurtje houdt de boot het voor gezien en komt volgas onze kant opvaren. “Hebben jullie een Citroën? Daar branden de lampen nog van. We hebben eerder zoiets meegemaakt en toen leverde dat een snoek op maar deze keer betekent dat een dikke 10 minuten varen om bij de auto te komen. En tien minuten terug om weer bij de stek te komen. Zo verdoen we wat tijd en in die tijd pakken donkere wolken zich samen. Ik houd de lucht scherp in de gaten maar kan geen onweer ontdekken. Uit voorzorg trek ik wel mijn regenbroek aan. De donkere wolken brengen eerst de windkracht naar een dikke zes. Prima windje om de Wato te testen maar van secuur dropshotten is geen sprake meer. Als de donkere wolken even later hun last op ons neer laten dalen zoeken we luwte onder de haven. We zijn behoorlijk nat. We proberen het even in de luwte maar het brengt niets meer. We besluiten de middag te besteden aan de Mont Ventoux etappe. We hebben beiden op zondag weer een afspraak en dan vissen we dus weer.

Op zondag vis ik met Lieuwe. Hij komt uit Veenendaal over om hier te slepen. Bovendien gaat hij volgende week naar Zweden om daar vakantie te vieren. Hij wil graag een baitcastertje lenen om uit te proberen als hij met de boot die bij het huisje gehuurd is, op Zweedse meren snoeken aan de schubben wil komen. Maar eerst even proefvissen in Friesland. En Friesland daar heeft Lieuwe een mooi stuk van gezien. Via de Mantgummervaart, Swette naar het Swin bij Reduzum, de spoorbrug bij Grou afgevist, via de Grou naar Jirsum. Door Jirsum naar Ald Skou om daar via het Prinses Margietkanaal richting Terherne gevaren. Bij de Snekerpoort weer de Snekeroudvaart in om via de Brekken en de Oudvaart bij Easterwierrum weer op de Swette terug te komen. Resultaat: Vijf aanbeten en twee snoekjes. Vangstplaatsen: de Grou en de Swette. Onderweg in Jirnsum varen we langs een boot met vier jongelui erin. “Hé de Poask!” klinkt het ineens. Ik lees iedere week het Weblog. Doe je even de groeten aan Popke! Van Hans uit Wommels, dan weet hij het wel. Prachtig dat ze in Wommels het weblog ook lezen. Ik denk dat Popke het nu ook weet. Als we thuis zijn komt Popke ons nog even verrassen met een stukje snoekbaars filet. We barbecueën spareribs met snoekbaars. Tegen achten neemt Lieuwe afscheid en we spreken af in het najaar het nog eens dunnetjes over te doen. Het was geen geweldige dag vandaag maar Lieuwe heeft een fiks aantal Zweedse snoeken in het verschiet.

Geplaatst op Geef een reactie

14 juli 2009

Het zelfde ritueel volgend als gisteren stap ik om even over half zes bij Popke in de auto. De stek is deze keer dichterbij en we traileren al vlot. We varen een stukje en ik schiet wat plaatjes in het mooie ochtendlicht. Als we op de stek zijn meren we op het anker en drie hoempie ploempie dobbers gaan te water richting de rietkraag. Mijn tweede hengel, dropshot, tuig ik met een klein dood bleitje en zet ik op een meter of twintig van de boot in het midden van het water. Popke ontwaakt, is inmiddels gerust gesteld en praat ondertussen wat met de vissen. (Hij moest kort na het traileren constateren dat hij geen aansteker bij zich had en dan kun je als roker goed in de stress schieten. Snel even naar huis gereden en een aansteker gehaald en ik sleepte ondertussen een klein rondje met een plug.) Over dat praten met vissen gesproken, hij schouwt het water, ziet wellingen, opties, kansen en mogelijkheden en tracht vervolgens de vissen op zijn aas te praten. Ik moet het eens opnemen. Het lukt hem echter redelij vlot een snoekbaars op een kopje te praten zodat we al binnen tien minuten een maatse snoekbaars in de boot hebben. Mijn dobber beweegt in het geheel niet maar de top van de dropshothengel geeft ineens een aantal ferme tikken. Terwijl ik de haak zet heb ik het al in de gaten. Een dikke paling van ongeveer 65 cm prijkt aan de haak. Niet dat ik er bang voor ben maar de slijmzooi die je er van krijgt doet mij terugschrikken van het vastpakken van zo’n beest. Tegen de rand van de boot pak ik met mijn tang de haak en het lukt me om het beest ineens van de haak te schudden. Dan blijft het een tijdje stil. De regenboog prijkt mooi maar de lucht erachter voorspeld niet veel goeds. Net nu ik geen regenkleding heb meegenomen. Gelukkig blijkt de regen van korte duur en al snel kan de factor twintig weer op de armen en in de nek. Het blijft lange tijd stil. De snoekbaarzen en snoeken lijken collectief te hebben afgesproken niets te doen. Het lijkt de Tour de France wel. Nadat een boot is gepasseerd duikt ineens mijn hoempie ploempie naar de diepte. Ik zet de haak en een mooie snoekbaars van achter in de vijftig komt even boven de waterspiegel. Hij heeft geluk, er ligt nog een stukje in de vriezer.<!–
WriteFlash('http://foto.poask.com/#32‘);
//–>http://foto.poask.com/#32 Dan is het lange tijd stil. We proberen echt van alles maar vissen kunnen we niet meer verleiden. Bijna de moed opgevend varen we een stukje en ankeren aan een rietkraag. Ik maak twee bekers soep en die moeten ons dan maar de extra energie geven die we even nodig hebben. Ik heb nauwelijks een slokje gehad en trek een keer mijn dropshot omhoog. Een fikse knal kan ik omzetten in een dikke zestig centimeter snoekbaars. Nauwelijks onthaakt is Popke nu aan de beurt. Beide dobbers verdwijnen kort achter elkaar. Popke praat er weer even drie naar binnen. Zo staat de teller ineens op zes. We verkassen nog een klein stukje in de wetenschap dat ik nog twee flesjes energiedrank bij me heb. Die moeten daar dan maar uitkomst brengen. Verdomt als het niet waar is. Direct na het openen van de flesjes vangt Popke weer een snoekbaars. Een tweede aanbeet laat los. Tegen tweeën besluiten we ermee te kappen. Ik trek mijn dropshot nog een keer over de plaats waar de snoek baanbeet. Helaas ik ruim op. De vertikaal hengel van Popke staat ineens krom in de steun en zowaar prijkt daar een snoek aan. Prachtige afsluiting toch! We traileren, constateren dat zijn boot echt lek is, tappen water en rijden naar huis. De toeretappe boeit me zo weinig dat ik het einde niet meemaak.

Geplaatst op Geef een reactie

13 juli 2009

Het is vandaag even voor vijven als de wekker gaat. Om half zes heb ik afgesproken met Popke te gaan vissen en aldus dien je op tijd op te staan. Na een klein beetje eten en koffie “skip” ik twee van de drie S-en (SSS) en beperk me tot de Shit. (Shower en Shave blijven achterwege) Popke rijdt voor en ik zet de spullen bij hem in de auto en boot. We rijden naar een voor ons bekende stek waar we in het verleden goede resultaten hebben geboekt. We traileren en wagen het meteen de joker in te zetten. Twee Timber Tigers te water en dat op één van de beste stukken van het door ons beoogde viswater. Er hebben echter wat veranderingen plaatsgevonden. Er zijn steigers gebouwd, palen geslagen en beschoeiing is vernieuwd. Het is dus totaal ander viswater. Het enige wat we van vis merken is een enorme stank die ergens een rotte vis markeert. We verkassen naar het naburige kanaal waar de beide een dood bleitje op een fireball monteren. We pulken een aantal stekken af en ineens is het raak. Ik krijg een ferme tik maar weet alleen een lege fireball omhoog te trekken. Popke controleert de stek even en haakt een eerste snoekbaars. De gehate nul is weg. Het blijkt een relatieve hotspot want in de directe omgeving vangen we zomaar twee snoekbaarzen bij. We schuiven langs het zelfde talud een stukje door en vangen er nog drie bij. Zes vissen binnen een uur en dan vergeet ik hier de missers maar te melden. Misschien dat ze het op een stukje vis onder een dobber wel beter doen. We wagen deze optie. Krijgen drie aanbeten en dan is het over. We maken een praatje met een man met een Schreiner hengel die zich verbaasd over het feit dat ik de hengel vanaf het water zomaar herken. De bus is onmiskenbaar! We verkassen langs dezelfde oever over, voor ons bekende stekken. Niets dat ook maar op de aanwezigheid van enige roofvis duidt. Zo vissen we vele uren zonder ook maar een stootje. Uiteindelijk besluiten we terug te verkassen naar onze beginplaats. Daar zijn de brugwerkers nog steeds hard aan het werk. Of we ze al gezien hebben? We missen er nog twee spreken Popke en ik onderling af. Als we bijna moedeloos aan het einde van het slootje draaien hebben we beide de hoop reeds opgegeven. “Het gebeurt altijd onverwachts!”, rinkelt de oude wijze spreuk van wijlen mijn vader ons uit ons gezapig neerleggen bij geen vangsten meer. Popke scoort een snoek. Even verder weer een aanbeet en nog één. Ik haak een snoek die werkelijk een Timber Tiger weet te verorberen (zie foto).<!–
WriteFlash('http://foto.poask.com/#33‘);
//–>http://foto.poask.com/#33 Ik haal het verhaal over het nog ontbreken van twee stuks even aan. “Ja, het is weer frappant”, antwoordt Popke! “Je kunt nu net zo goed ophouden.” Gelukkig stelt Popke even later de vraag of ik ooit wel eens een snoekbaars gevangen heb aan een Timber Tiger. Ik antwoord bevestigend. We zijn terug bij de brug met werklui. Er staat er één onder met de armen op meter stand. Ik kijk rond, zie dat hij nog houtwerk aan de brug moet bevestigen en interpreteer zijn “armen op meterstand” als: “Ik weet niet wat ik moet doen?” “Vertel het me!”. Ik vertel hem dat er gaten in het hout geboord moeten worden. Dan dient het hout over de draadeinden geschoven te worden en vervolgens lijkt het me handig dat er dan ringen en moeren voor komen. Terwijl we smakelijk lachen, zowel de werklui als wij beiden, dreunt de hengel van Popke krom. Een maatse snoekbaars aan………een Timber Tiger! “Is dat een Compre hengel”, klinkt het uit de mond van de werkman. “Nog iemand met verstand van hengels.” We vangen hierna niets meer en traileren om 15.00 uur. Morgen gaan we weer!

Mijn jongste dochter vindt vandaag nog een jonge huiszwaluw die we, om het beestje enigszins te beschermen tegen katten, op het dak van de schuur zetten. Daar wordt hij gevoerd en is weer onder controle van de ouders. Ik kan deze kans niet laten glippen en maak een paar foto’s. Net als ik aanleg voor een tweede shot komt moederlief er lekker naast zitten. Prachtig toch!